Donatie na circulatiestilstand

DCD
Harttransplantatie na een circulatiestilstand (DCD) vergroot naar verwachting het aanbod van donororganen. Deze procedure werd vroeger al in Nederland ingezet en is nu weer op zijn retour. Dat is al het geval in Engeland. Nederland volgt.

15% van de volwassenen op de wachtlijst voor een transplantatie overlijdt vóór de transplantatie. Bij kinderen is dat zelfs 30%. Er is dus een groot tekort aan donorharten. Met machineperfusie, waarbij het hart na het overlijden weer op gang wordt gebracht, zijn ook DCD-harten geschikt voor donatie met betere uitkomstkansen. Volgens onderzoekers van het Erasmus MC kunnen DCD-harttransplantaties het potentieel van donororganen flink vergroten.
Arts-onderzoeker Stefan Roest zegt in Medisch Contact dat een DCD-hart snel schade oploopt na een circulatiestop. Na 30 minuten is het hart van de overledenen al niet meer geschikt voor donatie. Als een donor geschikt blijkt, staat een OK-team klaar om het hart uit te nemen na een hands-off periode, 5 minuten na het overlijden. Het hart verbindt men na uitname aan de perfusiemachine, zodat het weer gaat kloppen en vervolgens weer beoordeeld kan worden voor transplantatie.

In Groot-Brittannië is het aantal harttransplantaties sinds de invoering van DCD in 2015 met bijna 50% toegenomen. Daarom hopen de onderzoekers dat men ook binnenkort in Nederland met deze procedure kan starten. Ook al zijn er nog geen langetermijnresultaten bekend. De eerste resultaten uit Australië en Engeland zijn echter veelbelovend.

Post-intensive care syndroom
PTSS geeft meer risico op infarct